Machiel Lock
zondag 30 augustus 2026
Gemeente van onze Heere Jezus Christus,
De verkondiging gaat over Markus 7:31-37. Het thema van de preek/verkondiging is: “Jezus geneest een dove man”.
“Gezondheid is een groot goed”. Deze uitdrukking kennen we wel. En deze uitdrukking is ook de waarheid. We hebben het de afgelopen jaren gezien hoe belemmerend ziekte kan werken. Er moesten maatregelen genomen worden om het coronavirus in te dammen. Anders zouden er alleen nog maar meer mensen ziek geworden zijn. Maar de maatregelen die genomen moesten worden, die waren wel ingrijpend voor de maatschappij. De bekende maatregel, anderhalve meter afstand houden van iemand die niet tot hetzelfde adres behoorde, dat was een bekende regel. Tijdens de coronacrisis was er ook een periode dat sommige winkels dicht moesten, en dat ook kappers dicht moesten, en dat scholen en universiteiten enkel online hun lessen moesten geven, en ook dat de kerkdiensten alleen online moesten plaatsvinden. Maar gelukkig is er nu weer veel meer mogelijk. En dat komt toch wel doordat de genomen maatregelen tegen corona hebben geholpen.
Bijvoorbeeld de maatregel van vaccinatie. Mensen lieten zich vaccineren tegen het coronavirus, en dat wierp vruchten af. Dat laat overigens zien dat het nemen van verantwoordelijkheid belangrijk is. En natuurlijk moet iedereen daarin een eigen afweging maken, zij het dat we in principe binnen de kaders van de wet moeten blijven. Maar roekeloos jezelf in gevaar brengen, dat is in ieder geval nooit goed. Dus het is nodig om goed op te letten in het verkeer. En het is ook nodig om je werk trouw uit te voeren. Het werk waartoe je door God bent geroepen en waarin je je talenten mag gebruiken. Momenteel heerst er geen ziektegolf in Nederland. Daar mogen we dankbaar voor zijn. Al wil dat natuurlijk niet zeggen dat er geen mensen ziek zijn. Die mensen moeten we zeker niet vergeten. Maar een griepepidemie is er in ons land momenteel niet. Straks in de herfst en in de winter zou er weer eens een griepepidemie kunnen komen. Dat is niet te hopen natuurlijk, maar die mogelijkheid is er wel.
Vanmorgen in Markus lazen we over een man die doof is. Deze man kan dus niet horen. En deze man heeft ook nog eens moeite om te praten. We weten niet of deze man vanaf zijn geboorte doof is en ook weten we niet of het vanaf zijn geboorte is dat hij moeilijk spreekt. Het is ook mogelijk dat het door een ongeval gebeurd is dat hij doof is en een spraakstoornis heeft. Er is ook verschil in uitleg of deze man helemaal niet kan spreken of dat hij moeilijk spreekt. Uit het feit dat andere mensen de man naar Jezus brengen, leiden sommige uitleggers af dat deze man helemaal niet kan spreken. Als hij toch een beetje zou kunnen praten, dan zou hij toch ook zelf om genezing kunnen vragen. Zo is de redenatie. Toch vermoed ik dat deze man een spraakstoornis heeft. Dus ik vermoed dat deze man moeilijk praat. Hij kan dus nog wel een klein beetje praten.
Jezus is weer teruggegaan naar Zijn eigen land. Zijn eigen land is Israël. Hij is in het gebied van Tyrus en Sidon geweest. Daar was Jezus om Zich even terug te trekken. Maar ook in het gebied van Tyrus en Sidon werd Hij gevonden. En wel door een vrouw. Haar dochtertje heeft een boze geest. De vrouw gelooft dat Jezus haar dochter kan genezen. En Jezus geneest dat meisje ook. De dochter van de vrouw, ze ontvangt genezing. Dat ondanks dat de vrouw niet tot Israël behoort. Dit is als voorschot op de toekomst, de toekomst waarin het heil in Jezus verkondigd wordt over alle werelddelen. Een voorschot op Pinksteren dus: de uitstorting van de Heilige Geest. Jezus gaat richting de Zee van Galilea. Hij klimt de berg op en gaat daar zitten. En een hele grote groep mensen komt naar Hem toe. Deze mensen nemen kreupelen, blinden, mensen die niet kunnen spreken, verlamden, en vele andere zieke mensen mee. Ze leggen deze mensen aan de voeten van Jezus neer. En Jezus geneest deze mensen allemaal. Want zij die niet konden spreken, zij spreken nu wel. Zij die eerst verlamd waren, zij zijn nu gezond. Degenen die eerst kreupel waren, ze kunnen nu lopen. En degenen die blind waren, die kunnen zien. En degenen die de zieke mensen hadden gebracht, zij verheerlijken Israëls God.
Dat moet toch wat geweest zijn. Dat zieke mensen zo van het ene op het andere moment beter werden. Stel je eens voor dat er vandaag iemand hier in de stad zou zijn die per direct ziekten kan genezen, dan zouden we ook massaal alle zieke mensen naar diegene toebrengen. Want zo iemand is natuurlijk heel bijzonder. Toch is het wel zo dat het niet alleen om die wonderen op zich gaat. Want het gaat om de Persoon Die deze wonderen verricht. Deze Persoon is de door God gezondene. Hij vraagt om geloof. En dat doet Hij ook vandaag. Dus ook vandaag vraagt Jezus ons om in Hem te geloven. Want Hij is de Opstanding en het Leven.
Jezus heeft veel mensen genezen. Van die genezingen licht Markus er nu één uit. De genezing van de dove man dus. Markus schrijft nog wat meer. Markus schrijft dat Jezus dwars door het gebied van Dekapolis gaat. De naam “Dekapolis” betekent “tien steden”. Er zijn namelijk tien steden die deel uitmaken van Dekapolis. Dekapolis ligt aan de Zee van Galilea. Dekapolis ligt ten oosten van Israël. Ook in Dekapolis wonen voornamelijk niet-Joodse mensen. Dus eigen volksgenoten van Jezus wonen er niet veel. Ontmoet Jezus de dove man ook in Dekapolis? Dat weten we niet. Het is mogelijk dat Jezus al wel in Israël is, zodra Hij die dove man ontmoet. Misschien zijn er wel mensen uit Dekapolis die Jezus hebben zien gaan. En dat die mensen toen de dove man naar Jezus gebracht hebben.
Eerder waren er al mensen die Jezus volgden. Ze kwamen uit Galilea, Dekapolis, Jeruzalem, Judea en van over de Jordaan. Zij volgden Jezus, dit omdat ze onder de indruk waren van de genezingen die Hij verrichtte. Want Jezus genas allen die er slecht aan toe waren. Hij genas mensen die allerlei soorten ziekten hadden, Hij genas degenen die bezeten waren door demonen. Hij genas maanzieken en Hij genas verlamden. Zo liet Jezus al iets zien van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde. De nieuwe hemel en de nieuwe aarde, dat is het nieuwe Jeruzalem, daar waar de gelovigen voor altijd zullen wonen. Daar zal God alle tranen van hun ogen afwissen. Dat is de glansrijke toekomst voor de gelovigen. Ziet u ook uit naar dat moment? Zolang we nog hier op deze aarde zijn, mogen we daarover vertellen. Dan zeg je dat God het waard is om geprezen te worden, want bij Hem is verzoening, eeuwige heil en eeuwige redding. En het zou mooi zijn als je iemand wint voor de blijde boodschap. Dat je diegene als het ware bij de hand neemt en hem vertelt over de hoop die in je is. En misschien gaat hij of zij dan ook wel met jou mee naar de kerk. Maar ook als je dit effect niet ziet, weet dan dat het nooit voor niets is, want je weet nooit hoe God het gebruikt als je een ander vertelt over jouw vreugde.
Jezus neemt de dove man apart. Hij doet dat om een bepaalde groep nog beter getuige te laten zijn van het wonder dat Hij gaat verrichten. Zodat deze mensen beter de goddelijke natuur van Jezus kunnen waarnemen. Het gaat Jezus om de eer van God. Jezus is zo vol liefde voor de mensen. Hij heeft medelijden met hen. Daarom zucht Hij nu ook.
De mensen die de dove man naar Jezus brengen. Die mensen smeken Jezus of Hij Zijn hand op de man wil leggen. Ze verwachten misschien nog niet direct genezing voor die man. Want alleen een zegen kan al heilzaam zijn. Jezus had Zijn hand op de dove man kunnen leggen. Om zo de man van diens doofheid en spraakstoornis te genezen. Je zou verwachten: als Jezus Zijn hand op de man legt, dan is dat voldoende. En dat is ook zo, maar toch doet Jezus hier hele andere dingen. En Hij doet ook heel opvallende dingen. Jezus wil duidelijk laten zien dat Hijzelf de tekenen verricht. Hij steekt Zijn vingers in de oren van de man. En Jezus raakt met Zijn eigen speeksel de tong van de man aan. Het is door Jezus Zelf dat deze man verlost wordt van diens doofheid en spraakgebrek. Het zijn de eigen vingers van Jezus en het is het eigen speeksel van Jezus dat gebruikt wordt om de man te genezen. Jezus laat zien dat Hij Degene is Die geneest, dat Hij Degene is Die heelt. Jezus doet deze tekenen met als doel dat de mensen hun geloof op Hem richten. Jezus is immers de Weg, de Waarheid en het Leven. Geloof jij dat ook? Door het geloof in Jezus Christus hebben we het eeuwige leven.
Vingers in de oren van een dove doen, en met speeksel de tong aanraken van iemand die niet kan spreken. Allerlei artsen van die dagen deden zulke dingen ook. Ze gebruikten er dan ook magische formules bij. Maar dat doet Jezus niet. Hij kijkt omhoog naar de hemel. Daarmee laat Hij zien dat Zijn genezingsdaad niet op zichzelf staat. Jezus heeft de kracht nodig om de dove man te genezen. En zodra Jezus kracht van Zijn hemelse Vader ontvangt, geneest Hij de dove man. Jezus zegt tegen de man: “Effata!” De emotie van Jezus was dusdanig dat Hij Zijn moedertaal gebruikte, in het Aramees zegt Hij: “Effata!” Dat betekent: “Doe open”. Het kan ook zo zijn dat Jezus dit in het Aramees zei, omdat de familie van de dove man mogelijk Aramees sprak. Het is ook mogelijk dat de voertaal in Dekapolis het Aramees was. We weten niet of de man die genezen wordt, joods is of dat hij afkomstig is uit Dekapolis.
De resultaten van de genezing worden genoemd: meteen gaan de oren van de man open, en zijn tong komt los en hij kan normaal spreken en hij kan dus ook weer horen. Deze man zou nog weleens met een doofstomme geest bezeten geweest kunnen zijn. Jezus werpt namelijk veel boze geesten uit.
Het is trouwens een voorrecht als je kunt horen en als je kunt praten. Dat geeft ons ook verantwoordelijkheid. Namelijk door het evangelie van Christus te horen en door ook te spreken over dit evangelie. Daartoe heeft God ons gemaakt. De Westminster Confessie begint met de vraag: “Wat is het hoogste doel van de mens?” Het antwoord daarop is: “Het hoogste doel van de mens is om God te verheerlijken en zich voor altijd in God te verheugen.” Dat geldt voor elk mens op deze wereld. Ook voor dove mensen. Want het gaat hier om een zaak van je hart. God liefhebben, dat doe je met heel je hart, met heel je ziel en met heel je verstand. Dat is het eerste en het grote gebod. En het tweede hieraan gelijk is: “Heb uw naaste lief als uzelf.” Deze twee geboden vormen de grondslag van de Wet en de Profeten. En laten we daarom ook medelijden hebben met dove mensen en laten we medelijden hebben met mensen die niet goed kunnen praten, en sta hen bij. Zullen we daar deze week eens over nadenken hoe we dat doen: hoe staan we degenen bij die doof zijn? En hoe staan we degenen bij die niet goed kunnen spreken?
Het raakt Jezus dat er juist in Israël veel mensen zijn die niet naar Hem willen luisteren. Hij heeft eerder gezegd: “Luister allen naar Mij.” Dat dienen de mensen ter harte te nemen. Maar veel mensen uit het eigen vaderland van Jezus ergeren zich aan Jezus. Eerder heeft Jezus vijf broden en twee vissen vermenigvuldigd. Daardoor kregen duizenden mensen te eten. Maar het is aangrijpend hoe velen hierop reageren. Velen van degenen die Jezus volgen, doen dat alleen maar omdat Jezus dit spijzigingswonder heeft verricht. Ze willen niet geloven dat Jezus Zelf het Brood van het leven is. Maar Jezus is het Brood van het leven. Wie tot Hem komt, zal zeker geen honger hebben, en wie in Hem gelooft, zal nooit meer dorst hebben. Jezus voedt de mensen geestelijk. Hij is ook Degene Die kan voorzien in het diepste geestelijke verlangen van de mensen.
We leven in een wereld waarin gebrokenheid is. Er is in deze wereld oorlog. Ook wijzelf zijn niet foutloos. We hebben talenten gekregen en die mogen we gebruiken, sterker nog: laten we onze talenten gebruiken. Ten dienste aan God en ten dienste ook aan onze medemensen. Maar toch zijn we ook mensen die niet alles kunnen. We leven in een wereld waarin mooie dingen zijn. Maar helaas zijn hier ook ziekte en dood aan de orde van de dag. Denk bijvoorbeeld aan de zware overstroming in Nepal. Die overstroming gebeurde afgelopen woensdag. Honderden mensen stierven daardoor. Toch is er gelukkig meer in dit leven. Daarom beleven we nu deze kerkdienst. Niet dat alle problematiek op deze aarde dan in één keer verdwenen is. Maar wel omdat er Eén is Die ons diepste verlangen werkelijk kan vervullen. De strijd tegen de gebrokenheid van ons menselijk bestaan, die strijd zal uiteindelijk overwonnen worden, als we God tot onze Koning erkennen.
We hebben in Markus 7 gelezen dat Jezus aan de omstanders beveelt om het aan niemand te vertellen wat er gebeurd is. De omstanders mogen dus niet vertellen hoe de doofstomme man genezen is en ze mogen ook niet vertellen door Wie die man genezen is. Maar het blijkt een averechts effect te hebben. Hoe strenger Jezus het de mensen verbiedt, des te meer gaan ze het rondvertellen. Misschien is er vanmorgen wel iemand die denkt: dat is vreemd… Waarom mogen de mensen het niet vertellen hoe de man is genezen van diens doofheid en spraakstoornis? Dat is toch juist heel mooi nieuws? De mensen mogen het wel gaan vertellen, maar Jezus wil duidelijk maken dat dat nu nog niet het geschikte moment is. Ook hierin is Jezus een getuige van nederigheid. Hij wil niet enkel bekend staan als de wonderdoener. Dat blijkt ook later als Jezus een blinde man in Bethsaïda geneest. Jezus legt speeksel op de ogen van blinde man en Hij legt Zijn handen op hem, en de man kan weer zien en deze man is dus niet langer blind. Maar de man mag het van Jezus aan niemand vertellen. Ook hierin is Jezus een voorbeeld voor ons. Het is onze taak om God te dienen. En het is ook onze taak om om te zien naar onze naaste. En Jezus laat zien dat Hij de nederigste positie bij uitstek inneemt. De Mensenzoon Jezus is niet gekomen om gediend te worden. Hij is gekomen om te dienen en Zijn leven te geven als losgeld voor velen.
Jezus heeft de missie om Gods Koninkrijk te verkondigen. Hij wil deze missie niet ondermijnen. Eerder al had Zijn oproep om te zwijgen een averechts effect. Want toen iemand met lepra genezen werd door Jezus, toen ging diegene de Genezer uitgebreid bekendmaken. Waardoor Jezus niet meer openlijk in de stad kon komen. Jezus maakt duidelijk dat het niet om de wonderen alleen gaat. Nee, de wonderen die Hij doet, ondersteunen datgene wat Hij zegt.
Trouwens, is het geen wonder dat we mogen leven? Is het geen wonder dat we ademhalen? Is het al geen wonder dat er iedere dag brood op ons bord ligt? Dat zijn allemaal wonderen. Alleen ze worden door ons niet snel als wonderen opgemerkt. We vinden ze snel gewoon. Maar toch zijn ze ten diepste niet gewoon. Laten wij de zegeningen van de Heere opmerken. De genezing van de dove man is een wonder, zeker. Dat wordt door ons een wonder genoemd, omdat er iets plaatsvindt wat naar onze waarneming bovennatuurlijk is. Als je dit in de gaten hebt, dan ben je er ook van overtuigd dat geen ding voor God onmogelijk is. Gelukkig zijn er veel medicijnen op de wereld. Daarmee kunnen ziektes worden voorkomen, of worden verminderd. Die medicijnen mogen we gebruiken voor ons welzijn. Laten we daar ook gebruik van maken.
Tot slot zeg ik nog iets over het laatste vers van de Schriftlezing van vanmorgen. Die vind ik ook geweldig mooi. De Nieuwe Bijbelvertaling vertaalt het krachtig: “De mensen waren geweldig onder de indruk en zeiden: ‘Alles wat Hij [dat is: Jezus] doet, is goed: zelfs doven laat Hij horen en stommen laat Hij spreken.’” Hierin klinkt duidelijk een echo naar de paradijstijd. Toen God de hemel en de aarde schiep, zag Hij dat het goed was, en toen God de mens schiep, zei Hij dat het zeer goed was. De mensen waarover we lazen in Markus 7, zij belijden dat de betreffende genezing het werk van God is. En dat is terecht, want Jezus is Gods Zoon. En ze belijden dat Jezus de Messias is. Want Jezus laat doven horen en Hij laat stommen spreken. Daarover had Jesaja al geprofeteerd. Jezus is dus inderdaad de Messias. In de Messias is Gods Koninkrijk in het midden van de mensen gekomen. Houd daaraan vast. Dan ervaar je een vreugde die niet te evenaren is.
Amen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten